6 april. Zenuwen wisselen zich af met ongeloof, ongeduld en vooral veel vragen. Die avond landt Karel in Indira Gandhi International Airport, Delhi en verdorie die laatste uren kropen vooruit! Een half uurtje taxi bracht me opeens effectief op die plek, waar ik hem –net zoals in de films- opwachtte maar – net niet zoals in de films- duurde ook dat veel te lang… Plots zag ik dan een sexy beast door de gate verschijnen. Eindelijk!
Omdat je de treinen in India op voorhand moet reserveren (lees bevolkingsaantal in 2001 1.027 miljard), lag onze reis al min of meer vast. De eerste twee daagjes verbleven we nog in Delhi, en beter gezegd New Delhi, waardoor de ultieme cultuurschok voor mijn visite slechts mondjesmaat gebeurde. Toch ontglipte er meer dan eens een verontwaardigde, licht geshokeerde ‘Ow je’, waarbij ik vaak moest zoeken wat er nu weer zo shokerend aan was. Het waren de dagen van acclimatisatie, gewenning, maar ook van observeren en leren. Ja, de eerste onderhandelingsbeurt van Karel met een riksjachauffeur bezorgde mij tranen in de ogen. Van het lachen. Schat, we zijn niet op de kermis….
En dan de trein in, naar Orchha. Een klein, ècht, charmant en proper (!) Indisch dorpje, dat zich bevindt langs de rivier, in het hart van de natuur. De rust die Orchha uitstraalt, door het omliggende groen, het relatief weinige verkeer en de ongelofelijk propere straten, waren nieuw voor mij. En opeens was ik, nog veel meer dan ik hier al ooit ben geweest, een echte toerist. Met fototoestel in de hand klommen we op de forten waar we uitzicht hadden op de stad, de paleizen, de rivier en omliggende natuur die even ver reikte dan ons oog kon waarnemen. Tussendoor nestelden we ons op de mooiste plaatsjes langs de rivier waar de mensen zichzelf en hun kleren wasten en waar wij jaloers waren dat we zelf niet in het water konden duiken. Rivieren in India… thanks but no thanks!
Na twee dagen namen we de slaaptrein naar Varanasi. Voor diegenen die het nog niet weten, dit is de heilige stad van de Hindus en een van de oudste bewoonde steden ter wereld. Varanasi ligt aan het heiligste stroomgedeelte van de Ganges waar vele oude Hindus naartoe komen om te sterven. Langs de rivier heb je de beroemde ghats (lange trappen) waar mensen hun kleren wassen, oude Hindus wachten op de dood, andere Indiers rituele baden nemen en waterbuffels liggen te genieten van het ongetwijfeld erg verfrissende water. Zoals iedereen waarschijnlijk wel al ergens heeft gehoord is het ook diezelfde Ganges die de milieunormen langs alle kanten buitengewoon overschrijdt, dus alweer was baden in het heilige water niet aan ons besteed en keken we in de 45 graden warme zon enkel maar vol afgunst naar diegenen die zich er wel aan konden wagen. Naast dit alles gebeurden ook de lijkverbrandingen op deze ghats, waarna het as in de heilige rivier wordt gestrooid. We werden toch net iets stiller bij het zien van deze rituelen, gepaard met een schokgolf wanneer het vuur tegen onze verwachtingen in even werd omgespit zodat lichaamsdelen vrij kwamen voor het blote oog. Vrij paradoxaal, maar een romantisch boottochtje in de vooravond liet ons toe de lijkverbrandingen van op een afstand te bezichtigen.
De stad was geweldig druk. De eerste beproeving voor Karel om de inmense drukte en hitte met elkaar te combineren, maar hij was meer dan geslaagd in zijn opzet. Zelfs ondanks het aanklampen van verkopers en bedelaars genoot hij erg van de stad die hij als ‘super neig’ bestempelde en was hij de eerste om mij mee te nemen naar allerlei bezienswaardigheden. We bezochten tempels, reden rond in de fietsriksja, verdwaalden in de kleine straatjes achter de ghats en om de zoveel tijd belandden we in ons ‘stamcafé’ waar we spuitwater met citroen dronken en aten wanneer het moest (of ook niet moest in Karel zijn geval dan). Tegen de verwachtingen in was ik diegene die niet tegen de hitte kon en die om de paar uur (drink)pauze inlaste. Twee beten aan mijn enkel, samen met een allergische reactie, zorgden voor een mankepoot, wat mijn drinkpauzes enkel maar meer rechtvaardigde:-). Hoewel het bezoek aan de stad heel onze reis heeft bepaald, wegens nogal uit de richting, waren we allebei heel erg blij dat we de kans hebben gekregen de sfeer in Varanasi op te snuiven, wat toch zeker een unieke ervaring is geweest!
Verder… naar Mumbai… met de vlieger. Of althans dat was het plan. Op het vliegtuig begon de zin naar een nieuwe grootstad, die overigens drie maal zo duur is dan Delhi, te slinken. Even uitleggen waarom. Al drie maanden moet ik dagelijks door verschrikkelijk druk verkeer, wimpel ik dagelijks bedelaars af, zie ik mensen op straat slapen, verminkte mensen, armoede, sloppenwijken, miserie. En in Varanasi werd dit er niet beter op. Je loopt de ghats niet op zonder een kindverkopertje aan je zijde en je loopt de ghats niet uit zonder een opdringerige riksjachauffeur of verkoper. Het is iets wat je leert negeren, maar ergens blijft het op je wegen. Bovendien is India een erg conservatieve maatschappij, waar het concept boyfriend/girlfriend op vele plaatsen geheel onbekend is. Affectie tonen in het openbaar is meer dan ongepast wat een erg jammere zaak was gezien ik Karel al 3 maanden niet meer had gezien. Goed, we reden Mumbai binnen in de late avond. Groot, druk, zonder plan en met alweer kindjes die je aanklampen om enkele roepies of iets anders. En op dat moment wist ik het… Ik wil naar GOA! En Karel stemde toe…
De volgende ochtend een vlucht naar Goa geboekt en nog geen twee uur later bevonden we ons in het vliegtuig. Goa is... de kleinste staat in India. Maar dat wou ik niet zeggen. Goa is… Paradijs! Je vindt er prachtige, exotische stranden, die naar eigen wens hyper-toeristisch, toeristisch of ongeschonden zijn. Na de vlieger en een lange busrit kwamen we aan in Palolem beach, een toeristisch maar prachtig strand in het zuiden van Goa. Een jaar geleden had ik hier zo snel mogelijk willen vertrekken. Zo aangepast aan de voorkeuren van de toeristen en bijgevolg vrij verwesterd. Een heel ander India dus. Maar bij onze aankomst kon ik werkelijk geen kant op met mijn geluk. Cocktails, super lekker eten, prachtig strand, heerlijke zee, losse ontspannen sfeer en geen starende mensen wanneer je kleding is aangepast aan het weer… Heerlijk vond ik dat, ik had dat zo gemist! Na twee dagen genieten van het exotische Westen besloten we wat verder te trekken. We huurden een scooter, regelden met een guesthouse dat onze rugzakken daar mochten verblijven en trokken door de jungle (zowel de natuur als het verkeer) langs de mooiste stranden van Goa. We aten heerlijk, dineerden op het strand, dronken cocktails, huurden hutjes op verlaten stranden, gingen nachtzwemmen in zee, reden met de brommer door het binnenland en genoten openlijk van elkaars aanwezigheid.
Eindigen deden we op het meest noordelijke strand van Goa, alweer een pareltje in dit prachtige vruchtbare gebied. Om onze vlucht naar Delhi te halen, zouden we nog één nacht in de Panjim verblijven om vandaar opnieuw naar het drukke Delhi te vliegen. De laatste 50 km op de brommer kwam alweer een nieuwe koortsaanval opgedraven en al hangend op de brommer weet ik nog bitter weinig van deze rit. De kleine guesthouse in Panjim, waar we eerder die week onze rugzakken hadden gedropt, ontving ons hartelijk en deden het al wat in hun mogelijkheden lag om mij nog een comfortabele nacht te geven. Uiteraard bleek dit laatste toch de druppel te zijn. Eenmaal in Delhi naar het ziekenhuis en daar eindelijk een verklaring gekregen. Een infectie in mijn bloed blijkt de boosdoener te zijn. Ik ben een behandeling gestart en hoop eind deze week opnieuw de oude te zijn zodat ik voluit kan genieten van mijn allerlaatste weken!
Desondanks was dit een fantastische vakantie, met een mix van cultuur, religie, ontspanning en bovenal fantastisch gezelschap.
De foto’s zijn voor de verandering eens samen met mijn tekst, enjoy…
Vele groetjes
Marie
Omdat je de treinen in India op voorhand moet reserveren (lees bevolkingsaantal in 2001 1.027 miljard), lag onze reis al min of meer vast. De eerste twee daagjes verbleven we nog in Delhi, en beter gezegd New Delhi, waardoor de ultieme cultuurschok voor mijn visite slechts mondjesmaat gebeurde. Toch ontglipte er meer dan eens een verontwaardigde, licht geshokeerde ‘Ow je’, waarbij ik vaak moest zoeken wat er nu weer zo shokerend aan was. Het waren de dagen van acclimatisatie, gewenning, maar ook van observeren en leren. Ja, de eerste onderhandelingsbeurt van Karel met een riksjachauffeur bezorgde mij tranen in de ogen. Van het lachen. Schat, we zijn niet op de kermis….
En dan de trein in, naar Orchha. Een klein, ècht, charmant en proper (!) Indisch dorpje, dat zich bevindt langs de rivier, in het hart van de natuur. De rust die Orchha uitstraalt, door het omliggende groen, het relatief weinige verkeer en de ongelofelijk propere straten, waren nieuw voor mij. En opeens was ik, nog veel meer dan ik hier al ooit ben geweest, een echte toerist. Met fototoestel in de hand klommen we op de forten waar we uitzicht hadden op de stad, de paleizen, de rivier en omliggende natuur die even ver reikte dan ons oog kon waarnemen. Tussendoor nestelden we ons op de mooiste plaatsjes langs de rivier waar de mensen zichzelf en hun kleren wasten en waar wij jaloers waren dat we zelf niet in het water konden duiken. Rivieren in India… thanks but no thanks!
Na twee dagen namen we de slaaptrein naar Varanasi. Voor diegenen die het nog niet weten, dit is de heilige stad van de Hindus en een van de oudste bewoonde steden ter wereld. Varanasi ligt aan het heiligste stroomgedeelte van de Ganges waar vele oude Hindus naartoe komen om te sterven. Langs de rivier heb je de beroemde ghats (lange trappen) waar mensen hun kleren wassen, oude Hindus wachten op de dood, andere Indiers rituele baden nemen en waterbuffels liggen te genieten van het ongetwijfeld erg verfrissende water. Zoals iedereen waarschijnlijk wel al ergens heeft gehoord is het ook diezelfde Ganges die de milieunormen langs alle kanten buitengewoon overschrijdt, dus alweer was baden in het heilige water niet aan ons besteed en keken we in de 45 graden warme zon enkel maar vol afgunst naar diegenen die zich er wel aan konden wagen. Naast dit alles gebeurden ook de lijkverbrandingen op deze ghats, waarna het as in de heilige rivier wordt gestrooid. We werden toch net iets stiller bij het zien van deze rituelen, gepaard met een schokgolf wanneer het vuur tegen onze verwachtingen in even werd omgespit zodat lichaamsdelen vrij kwamen voor het blote oog. Vrij paradoxaal, maar een romantisch boottochtje in de vooravond liet ons toe de lijkverbrandingen van op een afstand te bezichtigen.
De stad was geweldig druk. De eerste beproeving voor Karel om de inmense drukte en hitte met elkaar te combineren, maar hij was meer dan geslaagd in zijn opzet. Zelfs ondanks het aanklampen van verkopers en bedelaars genoot hij erg van de stad die hij als ‘super neig’ bestempelde en was hij de eerste om mij mee te nemen naar allerlei bezienswaardigheden. We bezochten tempels, reden rond in de fietsriksja, verdwaalden in de kleine straatjes achter de ghats en om de zoveel tijd belandden we in ons ‘stamcafé’ waar we spuitwater met citroen dronken en aten wanneer het moest (of ook niet moest in Karel zijn geval dan). Tegen de verwachtingen in was ik diegene die niet tegen de hitte kon en die om de paar uur (drink)pauze inlaste. Twee beten aan mijn enkel, samen met een allergische reactie, zorgden voor een mankepoot, wat mijn drinkpauzes enkel maar meer rechtvaardigde:-). Hoewel het bezoek aan de stad heel onze reis heeft bepaald, wegens nogal uit de richting, waren we allebei heel erg blij dat we de kans hebben gekregen de sfeer in Varanasi op te snuiven, wat toch zeker een unieke ervaring is geweest!
Verder… naar Mumbai… met de vlieger. Of althans dat was het plan. Op het vliegtuig begon de zin naar een nieuwe grootstad, die overigens drie maal zo duur is dan Delhi, te slinken. Even uitleggen waarom. Al drie maanden moet ik dagelijks door verschrikkelijk druk verkeer, wimpel ik dagelijks bedelaars af, zie ik mensen op straat slapen, verminkte mensen, armoede, sloppenwijken, miserie. En in Varanasi werd dit er niet beter op. Je loopt de ghats niet op zonder een kindverkopertje aan je zijde en je loopt de ghats niet uit zonder een opdringerige riksjachauffeur of verkoper. Het is iets wat je leert negeren, maar ergens blijft het op je wegen. Bovendien is India een erg conservatieve maatschappij, waar het concept boyfriend/girlfriend op vele plaatsen geheel onbekend is. Affectie tonen in het openbaar is meer dan ongepast wat een erg jammere zaak was gezien ik Karel al 3 maanden niet meer had gezien. Goed, we reden Mumbai binnen in de late avond. Groot, druk, zonder plan en met alweer kindjes die je aanklampen om enkele roepies of iets anders. En op dat moment wist ik het… Ik wil naar GOA! En Karel stemde toe…
De volgende ochtend een vlucht naar Goa geboekt en nog geen twee uur later bevonden we ons in het vliegtuig. Goa is... de kleinste staat in India. Maar dat wou ik niet zeggen. Goa is… Paradijs! Je vindt er prachtige, exotische stranden, die naar eigen wens hyper-toeristisch, toeristisch of ongeschonden zijn. Na de vlieger en een lange busrit kwamen we aan in Palolem beach, een toeristisch maar prachtig strand in het zuiden van Goa. Een jaar geleden had ik hier zo snel mogelijk willen vertrekken. Zo aangepast aan de voorkeuren van de toeristen en bijgevolg vrij verwesterd. Een heel ander India dus. Maar bij onze aankomst kon ik werkelijk geen kant op met mijn geluk. Cocktails, super lekker eten, prachtig strand, heerlijke zee, losse ontspannen sfeer en geen starende mensen wanneer je kleding is aangepast aan het weer… Heerlijk vond ik dat, ik had dat zo gemist! Na twee dagen genieten van het exotische Westen besloten we wat verder te trekken. We huurden een scooter, regelden met een guesthouse dat onze rugzakken daar mochten verblijven en trokken door de jungle (zowel de natuur als het verkeer) langs de mooiste stranden van Goa. We aten heerlijk, dineerden op het strand, dronken cocktails, huurden hutjes op verlaten stranden, gingen nachtzwemmen in zee, reden met de brommer door het binnenland en genoten openlijk van elkaars aanwezigheid.
Eindigen deden we op het meest noordelijke strand van Goa, alweer een pareltje in dit prachtige vruchtbare gebied. Om onze vlucht naar Delhi te halen, zouden we nog één nacht in de Panjim verblijven om vandaar opnieuw naar het drukke Delhi te vliegen. De laatste 50 km op de brommer kwam alweer een nieuwe koortsaanval opgedraven en al hangend op de brommer weet ik nog bitter weinig van deze rit. De kleine guesthouse in Panjim, waar we eerder die week onze rugzakken hadden gedropt, ontving ons hartelijk en deden het al wat in hun mogelijkheden lag om mij nog een comfortabele nacht te geven. Uiteraard bleek dit laatste toch de druppel te zijn. Eenmaal in Delhi naar het ziekenhuis en daar eindelijk een verklaring gekregen. Een infectie in mijn bloed blijkt de boosdoener te zijn. Ik ben een behandeling gestart en hoop eind deze week opnieuw de oude te zijn zodat ik voluit kan genieten van mijn allerlaatste weken!
Desondanks was dit een fantastische vakantie, met een mix van cultuur, religie, ontspanning en bovenal fantastisch gezelschap.
De foto’s zijn voor de verandering eens samen met mijn tekst, enjoy…
Vele groetjes
Marie

Amaai, klinkt allemaal heel plezant daar! Geniet er nog van en hopelijk ben je snel verlost van die vervelende infectie.
BeantwoordenVerwijderenTot binnenkort!
Eindelijk nog eens wat nieuws. Lijkt een heerlijke rondreis geweest te zijn (buiten dat virus dan). Hopelijk heb je de nodige energie opgedaan en kan je dank zij die medicatie nog dik genieten van de laatste weken!
BeantwoordenVerwijderen